Roel en Janneke op reis - Bolivia
  
roelenjannekeopreis.nl 
    » Algemeen    » Bolivia

Roel en Janneke


Reisverslag

Vriendelijk Bolivia (t/m 26 april)
We lopen een beetje achter met onze verhalen. De laatste week hebben we heel veel gezien en gedaan en morgen vertrekken we voor 3 dagen naar de Amazone. De rest van de verhalen volgen dus later deze week...

Ons begin in Bolivia was meteen goed. Vanaf de grens konden we een taxi nemen die, voor dezelfde afstand, maar 1/5 van de Braziliaanse prijs was. En bij het stempelen van onze paspoorten keken de douanemedewerkers ons vriendelijk aan en maakten zelfs grapjes. Dat hadden we in Zuid Amerika nog niet meegemaakt.

We hebben nadat we de grens waren gepasseerd meteen een treinticket naar Santa Cruz geboekt voor dezelfde avond. Ook al waren de mensen erg vriendelijke het plaatsje stelde niet veel voor. Nadat we ons ticket hadden geregeld zijn we op zoek gegaan naar een restaurantje. Dat was nog niet zo heel simpel, maar uiteindelijk hadden we iets gevonden. Geen kaart, gewoon een standaard menu met twee soorten vlees, aardappels en salade voor wel 1,10 euro... Het eten was te veel om op te eten en dat hadden de honden om ons heen ook door. Er was er eentje bij die je heel vriendelijk aantikte en vervolgens zielig aankeek. Tja wat doe je dan...

Onze trein vertrok in de avond en we zouden de volgende ochtend aankomen in Santa Cruz. Slapen in de trein dus. Gelukkig waren de stoelen goed, dus het viel allemaal mee. We kregen zelfs nog eten onderweg. Beetje jammer alleen dat de steward het plastic dat om de lepeltjes staat gewoon het raam uitgooide. We blijven ons erover verbazen dat dat in zo veel landen gebeurd. De mensen geven niets om het milieu.

Na aankomst in Santa Cruz hebben we nog even met Hedda en Symen, de Noren die we in de bus vanuit de Pantanal hadden ontmoet, ontbeten. We hebben een leuke tijd met ze gehad, dus toch jammer om dan weer afscheid te moeten nemen.

Daarna hebben we een vliegticket naar Sucre geboekt voor dezelfde middag. Met de bus zou je over dit stuk zo'n 16 uur doen terwijl het met het vliegtuig een half uurtje is.. En aangezien de tijd begint te dringen vonden we het geen slecht idee om voor vliegtuig te kiezen.

Sucre is een super leuk plaatsje. Wel de eerste plaats op hoogte die we aandoen in Bolivia. Dat is ook de reden waarom de bus er zo lang overdoet. Sucre ligt in de Andes. Er gaat dus geen rechte weg naartoe. In Sucre zijn we twee nachten gebleven. We hebben heerlijk door het stadje geslenterd en hebben de voetafdrukken van dinosaurussen bekeken net buiten de stad. Heel apart dat deze zo lang bewaard zijn gebleven. En het zijn er echt superveel. We hadden vooraf gehoord dat het bijbehorende park kinderachtig was, maar wij vonden het erg de moeite waard.

Zaterdag zijn we doorgegaan naar Potosi. De hoogstgelegen stad van de wereld. Nog hoger dus en dat merkten we. Roel had behoorlijke last van hoofdpijn en tijdens het lopen kon je goed voelen dat er minder zuurstof in de lucht zat. Op tijd naar bed dus maar de eerste dag.

Potosi is vooral bekend vanwege de mijnen. Deze hebben we zondag bezocht. Op zondag zijn er geen mijnwerkers, maar dat neemt niet weg dat het interessant is om te zien. We hebben uitgebreid uitleg gekregen van een voormalige mijnwerker. De gemiddelde levensverwachting van een mijnwerker is 10 jaar nadat hij in de mijn aan de slag is gegaan. Het stof in de mijnen slaat zo op de longen dat hij het niet langer volhoudt. Toch gaat het grootste deel van de mannen die in Potosi wonen in de mijnen werken omdat het salaris zo goed is i.v.m. de andere beschikbare banen. Op een gegeven moment is de gezondheid dan niet meer van belang.

Om het werk vol te kunnen houden kauwt iedere mijnwerker cocabladeren. Voordat we de mijnen ingingen kregen we kleding, laarzen en een helm met lamp. Daarna gingen we door naar de straat waar de mijnwerkers hun goederen kopen. Hier konden we ook dynamiet kopen dat later werd afgestoken. Normaal kopen mensen die een tour naar de mijnen doen hier iets voor de mijnwerkers, maar aangezien er op zondag geen mijnwerkers zijn, hebben wij dat niet gedaan.

De mijn zelf was erg nauw, stoffig en zorgde voor een claustrofobisch effect. Onze gids zei voor de tijd al dat je onwijs blij bent met je werk als je in de mijnen bent geweest. Nou hebben wij geen baan.... maar we kunnen het ons helemaal voorstellen. Geen haar op ons hoofd dat maar zou overwegen om in de mijn te gaan werken. Wat hebben we het toch weer goed voor elkaar in Nederland.

Onze tour was een beetje ingekort omdat de Franzen die met ons meewaren op tijd weg moesten en eigenlijk vonden wij dat wel prima. Wat kan frisse lucht toch heerlijk zijn!!

Weer buiten was het tijd om het gekochte dynamiet af te steken. Roel mocht samen met de gids de voorbereidingen treffen. Dynamiet uit papier halen, samenkneden, in papier rollen en lont erin stoppen. Daarna werd de 'bom' aangestoken en konden we nog foto's maken. Een minuutje voor het dynamiet zou ontploffen rende onze gids met dynamiet een stuk verder om een goed plaatsje voor de ontploffing te zoeken. Ongelovelijk dat dat allemaal kan. De knal was echt ontzettend. De mijnwerkers gebruiken het dynamiet in de mijnen. En zoals je zult begrijpen gaat dat niet altijd helemaal goed...

De zoutvlaktes en de ontzettend mooi omgeving er omheen (t/m 28 april)
Vanuit Potosi hebben we om 17.00 uur de bus naar Uyuni genomen. Toen we op de bus stonden te wachten, zagen we ineens Maarten en Hanneke, waarmee we in Sucre ook al iets hadden gegeten. Zij hadden ´s ochtends om 8.30 uur de bus genomen en zouder ongeveer 3 uur later in Potosi zijn. Maar door een wielerwedstijd en allerlei andere dingen waren ze er dus pas om 16.00 uur en zaten wij dus bij ze in de bus naar Uyuni. We hadden het er in Sucre al over gehad om samen een tour over de zoutvlaktes te boeken, maar omdat wij nog naar Potosi wilden en zij daar al waren geweest, zouden we er waarschijnlijk niet tegelijkertijd zijn. Nu dus toch wel!! Gelukkig reed de bus nu wel aardig door en waren we rond 23.00 uur in Uyuni. Echt een lelijke plaats, maar wel de plek om de zoutvlaktes te bezoeken.

De volgende ochtend hebben we met zijn vieren een tour geboekt. Normaal zit je met z´n zessen in een jeep, maar we hebben het voor elkaar gekregen om pp evenveel te betalen en maar met z´n vieren in de jeep te zitten. Wel zo relaxed. De tour begon al goed. Door problemen met de auto was onze bestuurder te laat. Dus we zagen alle jeeps al voorbij rijden, terwijl onze jeep nog moest komen... Maar goed toen ie er een keer was, de spullen opgeladen en naar de eerste stop, het treinenkerkhof gereden. Niet echt heel bijzonder. Oude treinen, die niet meer rijden en bij elkaar staan. Tja, blijkbaar moet het wel mooi zijn, want iedere tour gaat erlangs... Daarna weer even terug naar Uyuni want onze chauffer Octavio (al snel omgedoopt tot Okkie) moest nog iets regelen... Toen alles geregeld was konden we dan eindelijk echt weg. Eerst naar een plaatsje aan het begin van de zoutvlaktes en daarna dan echt de zoutvlaktes op.

Een grote witte vlaktes.... Niet voor te stellen. Op het eerst stuk wordt zout gewonnen, dus daar vind je allemaal zoutbulten. Na een tijdje zijn er geen bulten, alleen maar zout. Door de wind zijn er achthoekige vormen op het zout geblazen en het zout is perfect om coole foto´s te maken. Dus we hebben de nodige fotosessies gehad, haha. Onze lunch was op een eilandje ergens midden in de zoutvlakte. Vaag zo´n groene plek met allemaal kaktussen. De eerste nacht hebben we overnacht in een zouthotel aan de rand van de zoutvlakte. We hadden erop gerekend dat het super koud zou zijn, maar het viel mee en we hadden zelfs een warme douche.

De tweede dag ging niet meer door de zoutvlakte, maar door de super mooie omgeving eromheen. Een bergachtig landschap met zand in allerlei kleuren en blauwe en groene meren met witte zoutranden. Om het af te maken liepen er nog Flamingo´s en lama´s en lamaverwanten rond. Het landschap deed ons erg denken aan de Tongariro Trekking die we in Nieuw Zeeland hebben gedaan, maar dan nog veel groter.

De tours promoten allemaal dat ze naar de zoutvlaktes gaan, maar de rest eromheen is minstens zo de moeite waard. De tweede avond sliepen we in een ontzettend krakkemikkig hostel, met smerige toiletten en heerlijke doorgelegen bedden en dan ook nog eens in de ontzettende kou. Gelukkig mochten we van Okkie om 4.30 uur opstaan.... Hij zou ons wel wekken. Helaas deed hij dat net als de dag ervoor een kwartier later dan afgesproken, dus moesten we direct al haasten, want we wilden de zonsopgang bij een gijser bekijken. Okkie was helaas niet een van de snelsten en vond dat wij tijdens de pauzes de door hem veroorzaakte achterstand op de rest, maar moesten inhalen. Waren wel grappig discussies, haha.

Eerst dus naar de gijser. De zonsopgang hebben we onderweg gezien. Het was buiten nog heel erg koud dus snel foto´s maken en door naar de volgende stop. Een vulkanisch gebied met rookpluimen uit de grond. Daarna was het tijd voor ons bad. Midden in de kou was een warmwaterbron. In de kou uitkleden dus en heerlijk gerelaxed in het water. We waren bang dat het heel erg koud zou zijn op het moment dat we het water uitgingen, maar gelukkig was ons lichaam goed opgewarmd.

We hebben nog een laatste stop bij een meer gemaakt voordat we Maarten en Hanneke bij de grens met Chili hebben gehad. Zij gingen vanuit daarn met een bus Chili in terwijl weer teruggingen naar Uyuni. Wij hadden dus nog een hele dag met Okkie in de jeep voor de boeg. Maar dat was geen moment erg. Het landschap bleef mooi. Ongelovelijk genieten dus!!

Uiteindelijk waren we om 18.00 uur terug in Uyuni. Even iets eten en daarna met de bus naar La Paz. Uyuni zelf is namelijk zo lelijk dat je er niet langer wilt blijven.

La Paz en The world's most dangerous road (t/m 2 mei)
De busrit was niet een van de beste. Koud en hobbelig. Dus we waren erg blij toen we eindelijk over waren. We hadden van Maarten en Hanneke een adres gekregen voor een iets luxer hostel, met tv, eigen douche en ontbijtbuffet en we vonden dat we dat wel hadden verdiend. Dus daar hebben we ons direct af laten zetten. We waren behoorlijk moe, maar ja een nieuwe stad dus ook heel veel nieuwe dingen te zien...

De eerste dag meteen de stad een beetje verkend. We zitten met ons hostel vlakbij de Witches Market een gezellig gebied met allemaal winkeltjes. Het straatje lijkt wel een beetje op de weg-is-weg uit Harry Potter. Klinker straatje, met allemaal winkeltjes en dan de Boliviaanse vrouwen in hun rokken, gekleurde kleden en hun bolhoedjes. Erg leuk. We zijn ook even naar de zwarte markt geweest. Hier wordt echt van alles verkocht. Ook zijn we nog naar het Coca museum geweest. Met alle info over het kauwen van cocabladen, de werking van coca en het onstaan van cocaine.

Het kauwen van cocabladen is hier nog steeds heel normaal. De president van Bolivia heeft zelfs in en overleg met andere landen gezegd dat hij het belachelijk vindt dat er wereldwijd zo moeilijk over het gebruik van cocabladeren wordt gedaan. Toen hij dat had gezegd stopte hij een paar cocabladeren in zijn mond...

´s Avonds wilden we nog koninginnedag gaan vieren in een Nederlandse kroeg hier in La Paz, maar we waren zo moe dat we uiteindelijk op tijd onder de wol zijn gegaan. We hadden overdag de verhalen over Koninginnedag in Apeldoorn al gelezen. Echt afschuwelijk. Zal vast een flinke domper op het feestgebeuren zijn geweest.

Vrijdag was het tijd voor de mountainbiketocht over The world's most dangerous road. Deze gravelweg gaat langs diepe afgronden. Zes jaar geleden is er nog een bus vol met 56 mensen naar beneden gestort, allemaal dood. Auto´s die naar beneden stortten waren aan de orde van de dag. Twee jaar geleden is de nieuwe weg geopend en nu rijden er dus alleen nog maar mountainbikers over de weg. Met de fietsers gaat het ook niet altijd goed. De eerste mountainbiker die verongelukte was een Israelisch meisje. Toen de ouders de touroperator aanklaagden was de uiteindelijke uitspraak dat het om een zelfmoordgeval ging... Nog al enge verhalen, maar we hadden al van heel veel mensen gehoord dat het allemaal erg meeviel. We hebben wel een betrouwbare organisatie gezocht met goede fietsen.

Met het busje reden we naar het beginpunt van de tocht. Omdat het Dag van de arbeid was waren veel Bolivianen vrij en was het dus erg druk op de weg. Op een gegeven moment stonden we stil omdat een taxichauffeur niet door wou rijden op een bruggetje. Onze gids ging verhaal halen en dat ging er nog al hard aan toe.... Ze gingen elkaar flink te lijf. Later bleek dat de taxichauffeur dronken was en vond dat mensen die niet in zijn wijk hoorden niet over de brug mochten rijden... Een lekker begin van een toch al spannend dagje.

Bij Cumbre (4700 m. hoogte) waren we aan het beginpunt van onze tocht. Het eerste stuk reden we over asfalt. Dit was een deel van de nieuwe weg, dus echt gevaarlijk was het niet. Zo konden we rustig wennen aan de fiets. Na een tijdje naar beneden te zijn gezoefd moesten de fietsen weer op het busje worden geladen. We moesten namelijk een stukje omhoog. Normaal mag je dat stuk fietsen, maar omdat we ´s ochtends tijd hadden verloren in het drukke verkeer, werd de keus voor ons gemaakt. Na een stukje rijden begonnen we dan echt aan de World´s most dangerous road. Een gravelweg met overal stenen. Van onze gids moesten we aan links blijven (de kant van de afgrond) want daar was de weg het beste... Gelukkig stopten we regelmatig voor een korte instructie, een hapje eten of een slokje drinken en om foto´s te maken.

Onze gids had ook een fototoestel mee, dus we hebben alle foto´s op dvd meegekregen. De kliffen liepen op sommige stukken recht naar beneden, en dan niet 10 of 20 meter maar honderden meters.... En natuurlijk was er geen vangrail. Opperste concentratie was dus niet overbodig. Onderweg stond het vol met kruizen en herdenkingsplekken. Vorig jaar is er nog een Amerikaanse toerist naar beneden gevallen omdat hij te hard en onbenullig reed. De uitzichten waren super. En eigenlijk hebben we ons de hele weg niet onveilig gevoeld. Het is voor fietsers een brede weg en je moet gewoon goed oppassen. Maar adrealine geeft het zeker wel.

Na een afdaling van 3500 m. waren we beneden. Hier werden de fietsen weer op het busje geladen en reden we door naar Coroico. Daar konden we douchen en zwemmen bij een mooi hotel en kregen we onze lunch. De terugweg naar La Paz duurde nog zo´n 3,5 uur. Voor ons gevoel net zo lang als de afdaling. Ach, zo´n busje met fietsen en 10 mensen de berg oprijden gaat natuurlijk ook niet zo snel. Toen we La Paz binnenreden hadden we nog een mooi uitzicht op de verlichte stad. La Paz ligt namelijk tussen een aantal bergen in.

Zaterdag hebben we een ander deel van de stad bekeken, een beetje geshopt en gegeten bij de Nederlandse kroeg. Toch lekker om weer eens kroketten te eten!!!

Rurrenabaque en de pampas (t/m 6 mei)
Zondagochtend ging onze wekker om 4.00 uur. We hadden namelijk een vlucht naar Rurrenabaque geboekt. Het vertrekpunt voor een tour door de pampas in het Amazonebasin. Het is ook mogelijk om met de bus te gaan, maar we hadden van verschillende mensen gehoord dat dit de ergste busrit is die er bestaat, hobbelig, dicht langs afgronden en lang (18 uur en met vliegtuig 45 minuten). Dus dan maar vliegen voor 50 euro pp. Het vliegtuigje was superklein. Er konden zo'n 17 passagiers in, maar we zaten er maar met zijn 7en in. Toen we op gingen stijgen waren onze raampjes nog bevroren. Eenmaal opgestegen hadden we al snel uitzicht op de hoge bergen rondom La Paz. La Paz ligt op zo'n 3600 m. hoogte en er zijn bergen om La Paz heen van meer dan 6000 m. hoogte. We vlogen op een gegeven moment net zo hoog als deze bergtoppen. Heel apart. In Rurrenabaque landen we op een hobbelige gras landingsbaan.

Onze Pampastour hadden we in La Paz al geboekt, dus we konden dezelfde ochtend nog weg. We zaten met 4 engelsen in de groep. Eerst 4 uur rijden met de jeep over een ontzettend stoffige weg en daarna nog een ruim 2 uur met de boot om bij de lodge te komen. Onderweg zagen we al verschillende vogels en twee soorten apen. Goed begin dus. De lodge was niet zo bijzonder als de lodge in de Pantanal, maar hij lag wel direct aan het water, dus dicht bij alle dieren.

Het water in het Amazonebasin stond erg hoog. Wij vonden dat mooi want in de Pantanal hadden we al gezien hoe de pampas eruit ziet als het droog is. De dieren zijn bij hoogwater wel lastiger te spotten. Gelukkig hebben we nog genoeg gezien, aligators, kaaimannen, capibara's (grootste knaagdier ter wereld), drie soorten apen, tarantula en veel soorten vogels. We zijn nog op zoek geweest naar een luiaard, maar helaas hebben we er geen gevonden. De laatste dag van onze drie dagen durende tour hebben we gezwommen met de roze rivierdolfijn. Heel apart. Er zwemmen grote roze dolfijnen in de rivier. Super cool!! Ze sprongen niet hoog uit het water zoals de dolfijnen in Nieuw Zeeland, maar je kon ze behoorlijk goed zien.

Wij hadden onze terugvlucht geboekt op de laatste dag van de tour. Toen we van de boot kwamen en overstapten op de jeep tijdens de terugweg begon het al iets te regen. En omdat de landingsbaan in Rurrenabaque uit gras en zand bestaat, bestaat er een kans dat je niet kan vliegen bij regen. Toch maar wel flink doorgereden anders zouden we niet op tijd zijn. Onderweg wisselden regen en opklaringen elkaar af. Dus we hadden ook geen idee of de kans groot was dat de vlucht geannuleerd zou worden. Eenmaal op het vliegveld bleek dat alleen de eerste vlucht 's ochtends was gegaan en dat de rest was afgelast... Een extra nachtje in Rurrenabaque dus. We moesten de volgende ochtend naar het kantoor van Amazones (de vliegmaatschappij) om te informeren wanneer de vluchten weer zouden gaan.

De eerste vluchten voor de volgende dag waren ook geannuleerd en ze konden ons niet vertellen wanneer er wel weer gevlogen kon worden... Tja, wat doe je dan. We zitten al een beetje krap in de tijd, maar we zien het eigenlijk niet echt zitten om met de bus te gaan. In het kantoor kwamen we vier andere Nederlanders tegen en we hebben besloten om met z'n zessen met een jeep te gaan. Het is een stukje sneller dan de bus en voor ons gevoel ook een heel stuk veiliger.

De rit begon al met een klein uur vertraging. De reserveband moest nog geplakt worden en onze chauffeur stelde nog voor om zijn zieke vrouw mee te nemen naar La Paz. Ondanks dat we ons wel schuldig voelden hebben we toch vriendelijk gezegd dat we dat liever niet hadden. En toen we zijn vrouw zagen waren we daar ook blij van. Ze was nog al aan de dikke kant... en met zijn zessen was het prima, maar met een meer werd het wel erg krap. We hebben haar dus maar bij het busstation afgezet.

Toen we eenmaal aan het rijden waren schoot het lekker op. Onze chauffeur wist het gaspedaal goed te vinden. Dus met hoge snelheid langs de afgrond hmmm is dit wel zoveel veiliger. Onderweg kregen we nog een lekke band. Gelukkig was er een plaatsje vlakbij en kon de band geplakt worden. Eerst reserveband eronder, de geplakte band op het dak en rijden maar weer. Niet veel later bleek dat de reserveband niet goed geplakt was, dus weer een lekke band. Opnieuw laten plakken bij een shopje en weer op pad.

Toen het donker werd waren we het allemaal eigenlijk wel zat. Juist toen had onze chauffeur bedacht dat hij zijn dochter nog moest bellen om te zeggen dat papa en mama allebei onderweg waren naar La Paz. Het bereik was niet zo goed, dus dat was tig keer bellen en gebeld worden en ondertussen nog even de auto over de bochtige weg, langs diepe afgronden rijden... Gelukkig ging het allemaal goed. Toen we bijna in La Paz waren had de jeep er niet meer zoveel zin in. Op de laatste berg sloeg de motor om de paar meter af... Oververhit. Nadat er ijskoud water over de motor was gegooid en we even hadden gewacht konden we gelukkig het laatste stukje de berg nog op rijden... Om ongeveer middernacht waren we dan eindelijk in La Paz...

Laatste dagen Bolivia (t/m 9 mei
Na onze jeeprit zijn we nog twee nachten in La Paz gebleven. Beetje gerelaxed en geshopt en de eerste dag nog geluncht met onze mede jeeprijders.

Vrijdags hebben we de bus genomen naar Lake Titicaca, een van de hoogst gelegen (ruim 3800 m.) meren ter wereld. Na een nacht in Copacabana te hebben geslapen hebben we 's ochtends de boot naar Isla del Sol genomen. Volgens de Inca's is hier de zonnegod geboren. Als het eiland zo'n naam heeft verwacht je dat de zon er ook schijnt. Nou mooi niet dus. Toen we 's ochtends op de boot gingen was het lichtbewolkt. Eenmaal onderweg werd het alleen maar erger en ja hoor, op een gegeven moment begon het zelfs te regenen. Wij wilden een wandeltocht over het eiland maken, maar twijfelden sterk toen we voet op het eiland zetten.

We zijn eerst naar de ruines op het eiland gelopen. En op wonderbaarlijke wijze stopte het met regenen en heel snel was het zelfs totaal onbewolkt. Vaag, maar wel erg lekker. Het ruinelabyrinth was leuk om te zien. Na de ruines zijn we richting het zuiden van het eiland gelopen. Een tocht over een paar pittige heuvels. Dan kun je echt merken dat je op hoogte zit... Je bent echt supersnel buiten adem. Het uitzicht onderweg was erg de moeite waard. Het eiland is niet zo heel breed dus je kon aan beide kanten het meer zien liggen.

Rond 15.30 uur hebben we vanuit het zuiden van het eiland de boot terug naar Copacabana gepakt. We hadden al een busticket geboekt naar Peru, dus direct de tassen opgehaald en de bus naar de grens genomen. We hebben het super naar ons zin gehad in Bolivia. Heel vriendelijke mensen, erg indrukwekkende natuur en lekker goedkoop :-)Maar het was tijd om naar Peru te gaan. Het laatste land dat we in Zuid Amerika bezoeken.


Foto's

Kaart van Bolivia



Foto's van Bolivia.

»» Lees verder
  © roelenjannekeopreis.nl 2009